Maarten uit Genk

Straathoekwerker Maarten helpt jongeren met kritische zelfreflectie

Maarten Vandeurzen komt uit Bocholt, is 28 jaar en werkt nu een jaar en vier maanden bij het Limburgs Steunpunt Straathoekwerk (LiSS). Als straathoekwerker is hij actief in de wijken Sledderlo en Kolderbos in Genk. “Ik ben blij als ik jongeren kan helpen kritisch te leren kijken naar hun gedrag”, zegt Maarten als hij vertelt over de keuze voor een job als straathoekwerker.


maarten profiel groot.jpg “Bij het straathoekwerk gaan we actief de straat op en gaan we naar onze doelgroep toe, om met de ‘gasten’ en anderen in hun omgeving te praten. Zo starten we een werkrelatie met de jongeren waarbij het vertrouwen doorheen de tijd kan groeien.”

Maarten vertelt dit in zijn kantoor in Sledderlo waar hij wekelijks vergadert met zijn collega’s die in verschillende delen van Limburg werken. Sinds oktober vorig jaar delen we als Limburgs team van Uit De Marge / CMGJ een gebouw met het LiSS. Daardoor zijn Maarten en zijn collega’s gauw bereikbaar voor overleg over outreaching, een domein dat ook voor Uit De Marge / CMGJ een belangrijk werkterrein vormt.

“We zijn in de wijken gekend als mensen die er onvoorwaardelijk zijn. Dat betekent dat we er zijn in zowel goede als minder goede tijden. Het leuke mijn job is dat mensen me leren kennen als iemand die niet enkel met hen gaat praten wanneer er problemen zijn. Zo gaan mensen ook sneller een stap naar je toe zetten als er iets fout loopt.”

Maarten werkt in wijken die hij vroeger als jongen uit Bocholt niet kende. “Ik had al veel over de wijken gehoord, maar was er nog nooit geweest. Dat kon een nadeel of voordeel zijn. Ik zag het als een goede zaak omdat ik misschien meer onbevooroordeeld aan de slag kon gaan. Maar ik hoor helaas veel mensen die nog nooit in Sledderlo zijn geweest nog steeds naar deze wijk verwijzen als ‘klein Chicago’. Daarmee bedoelen ze niet veel goeds.”

Dat de buurt waar hij werkt een negatief imago heeft merkt hij ook bij sommige jongeren. “Ze vertellen graag dat ze ‘van Genk’ zijn, maar willen niet vermelden dat ze uit Sledderlo komen. Ik vond het heftig om te horen dat jongeren niet durven zeggen dat ze van Sledderlo zijn uit angst om gediscrimineerd te worden. Jongeren merken dus fel op hoe anderen kijken en denken over hun omgeving. Dat is iets wat me bijblijft.”

Maarten begrijpt de bekommernis van de jongeren over hun wijk maar geeft mee dat hij ook veel goede dingen opmerkt. “Ik zie vele mooie dingen in deze wijk. Soms zijn het kleine dingen zoals de gewoonte bij de bewoners om elkaar steeds respectvol te begroeten. Ik merk ook interessante zaken bij de jongeren zelf. Ik zie bijvoorbeeld dat ze veel talenten hebben maar dat ze dat soms zelf niet zien of niet altijd de kansen krijgen om hun talenten te ontplooien.”

maarten groot.jpgJongeren ondersteunen om een weg te vinden waar ze hun talenten kunnen gebruiken doet hij via gesprekken in grote en kleine groepen, op plaatsen waar jongeren rondhangen in Kolderbos en Sledderlo. Vaak zijn dat plaatsen rondom de jeugdhuizen van de jeugdwelzijnswerking Gigos. De standaardtools van een straathoekwerkers zijn volgens hem “luisteren, adviseren, verwijzen, steunen en jongeren zelf laten nadenken”. Dat zijn zaken die hem al aardig lukken na anderhalf jaar als straathoekwerker.

“Maar een collega zei me in het begin dat straathoekwerk pas echt begint na drie jaren, omdat een vertrouwensband opbouwen nu eenmaal veel tijd nodig heeft. Nu begrijp ik die collega beter. Toen ik de eerste keer in mijn werkwijken wandelde viel ik op en was het niet voor iedereen duidelijk wat ik daar precies kwam doen. Door het feit dat mensen in de buurt mij nog nooit hadden gezien werd er wel eens wantrouwig gereageerd. Doorheen de tijd is mijn positie gelukkig duidelijker geworden en is dat wantrouwen dan ook afgenomen.”

Een groot misverstand over zijn job is volgens hem dat mensen verwachten dat straathoekwerkers er enkel zijn om problemen op te lossen. “Samen met de gasten kijk ik naar wat ze nodig hebben om hun leven terug op orde te krijgen. Daarbij ondersteun ik, confronteer ik en maak ik relevante thema’s bespreekbaar. Maar dit hoeft niet altijd over ‘problemen’ te gaan. Wij vertrekken ook vanuit een positieve benadering. Een straathoekwerker verplicht niets, werkt niet bestraffend en legt ook geen regels op. Ik aanvaard de gasten in hun geheel maar dat wil niet zeggen dat ik daarom al hun gedragingen ook goedkeur.”

De leuke momenten in zijn job zijn wanneer hij ziet dat jongeren meer en anders over zichzelf, hun houding en hun omgeving gaan denken door gesprekken waarin jongeren dingen in vraag gaan stellen. “Ik ben blij als ik jongeren kan helpen kritisch te leren kijken naar hun gedrag. Soms gebeurt dat door hoe jongeren bewuster worden van een aantal zaken. Dit kan gaan van het leren omgaan met stressvolle situaties tot bijvoorbeeld de impact die groepsdruk kan hebben op een individu. Bij elk gesprek blijft er uiteindelijk iets hangen bij hen waar ze misschien op een later moment iets mee zullen doen. De meerwaarde van het straathoekwerk is dat dergelijke gesprekken en ondersteuning mogelijk zijn op het tempo van de gasten en in hun milieu en dus op een zeer laagdrempelige wijze.”

Zijn job ziet hij een deel van een oplossing voor problemen die uit meerdere domeinen kan komen. “Ze zeggen ‘it takes a whole village to raise a child’ en daar ben ik het mee eens. Het is belangrijk dat jongeren naast hun thuis- en schoolomgeving mensen vinden die hen ondersteunen in hun weg in de maatschappij en ik denk dat het straathoekwerk daar een belangrijke taak vervult.”

Interview door Hasna Ankal - Uit De Marge / CMGJ
Foto's: © Uit De Marge / CMGJ
� 2010 - 2017 CMGJ vzw | Trichterweg 6 - 3600 Genk